Huzaren-stukje

Het is tropisch warm. Al zeven dagen. Ik zit binnen en lees een boek. Deuren dicht, zonnescherm naar beneden, airco en ventilatoren aan. Vanmorgen, toen het nog koel was, ben ik even naar de markt geweest, op zoek naar passende ingrediënten voor een gezonde maaltijd bij dit warme weer.Toch voelt de warmte anders dan op de vakanties aan de Middellandse Zee, waar het golvende water of het zwembad in de namiddag de meest zalige verkoeling  en ontspanning biedt. Koken doe ik niet op vakantie. Hooguit een eitje. Het is tenslotte vakantie en we zijn maar met ons tweeën. Helaas zijn we dit Coronajaar genoodzaakt thuis te blijven.

Ik denk aan mijn ouders. Zij gingen zelden op vakantie. Nooit naar zee, of naar een zwembad ter verkoeling. En toch was er toen ook wel eens sprake van een hittegolf. De man op het journaal tekende dan met een soort lippenstift de hogedruk gebieden in op een plaatje van Europa en vermeldde dat de temperatuur  de komende dagen in Nederland kon oplopen tot wel dertig graden!
Dertig graden, dat klonk magisch in mijn kinderoren. Dán veranderde het gewone leven. Mijn moeder haalde ’s-morgens vroeg nog wat kleine boodschappen en ’s-middags rook je de runderbouillon al. Ze was druk, licht geïrriteerd en verhit in de keuken bezig. Tussendoor blies ze ook nog het zwembadje voor ons op. Als we het kraanwater te koud vonden, droeg ze pannen met warm water aan.  Onder haar huishoudschort met zakken en knoopjes  droeg ze alleen haar ondergoed. Panty’s en korset bleven deze dagen in de kast. Het was raar om mijn moeder zo luchtig met blote armen en benen te zien.
Maar ja, het kon wel dertig graden worden!
Mijn vader, die onder alle omstandigheden rustig bleef, schilde de aardappelen, ruimde de ontbijttafel af, deed de vaat en stofzuigde.  Na de lunch zocht hij boven ergens achterin een muurkast een korte broek. Ook de sandalen vond hij in deze kast. Hij ontdeed zich van zijn sokken, lange broek, overhemd en stropdas.  Zijn onderhemd zonder mouwen hield hij aan.  Ook dit beeld  zal ik nooit meer vergeten: bruine armen tot halverwege de bovenarmen, een bruin gezicht met nek en hals precies tot waar de boord van het overhemd had gezeten. Verder spierwitte behaarde benen en bovenlijf.
Nu werd het pas echt menens!
Door de geur van de soep en het herkenbare gedrag op zo een hete dag, kon ik me enorm verheugen op het avondeten. Daadkrachtig en trots zette mijn moeder om klokslag zes uur een “koude schotel” op tafel. Blaadje sla, een tomaatje, rolletje ham, een hard gekookt eitje, augurkjes en zilveruitjes er bij en er kon gegeten worden. Voldaan kondigde ze aan dat we morgen weer hetzelfde aten, want koken met dit weer was niet te doen!  Daar hoopte ik al op.
Nú was het pas echt zomer!

Wat wij eten vanavond?
Rundersalade van de slager. Blaadje sla er bij, tomaatje, rolletje ham, eitje…
Véél te warm om te koken!

© Lizziebizzies, 13 augustus 2020